De leesclub

Dinsdagavond was de laatste week van mijn Querido-leesclub, aka Schaduwjury Librisprijs. Dat wil zeggen dat we in drie bijeenkomsten de zes romans van de shortlist voor die prijs bespraken en – althans, dat was de bedoeling – zouden bepalen welke van de zes de winnaar zou moeten worden.

Schaduwjury klinkt overigens een stuk pretentieuzer dan het was – de Uitgeverij Querido organiseert zo nu en dan workshops en trainingen en dus ook leesclubs, met geheel vrije inschrijving. Logischerwijs doe je alleen mee als je wel eens een boek leest, maar zelfs dat was geen voorwaarde. Je kunt ‘t ook zo zien: een clubje dames (ja, we voldeden weer volkomen aan het vooroordeel) kakelt een paar avonden gezellig over een handjevol boeken, onder leiding van iemand die er wél verstand van heeft, in ons geval Arjan Peters, beter bekend als recensent van De Volkskrant.

Afijn, ik ging die leesclub in zoals ik heel veel nieuwe dingen in ga. Toen ik de aankondiging zag was mijn eerste impuls ‘ja, dat wil ik’ en heb ik me dus ook meteen opgegeven. Op het moment dat de eerste dag naderde vroeg ik me af waarom in vredesnaam ik dit gedaan had en voorzag ik drie avonden luisteren naar wat anderen vonden. Ik kwam op het juiste moment de bemoedigende tekst tegen dat het wel gewaardeerd werd als je meedeed in de discussie, maar dat het niet hoefde. Ik weet niet eens of ik het anders wel gedurfd had, aanbellen bij Querido, Heiligdom van de Literatuur (ik ben een tikkeltje beïnvloed
door bepaalde elementen uit mijn familiegeschiedenis).

Vervolgens viel het – keurig volgens het patroon – ontzettend mee met hoe griezelig het was. Of liever: het was helemaal niet griezelig. Integendeel. Al de eerste avond merkte ik al hoe erg ik vergeten was dat ik dit leuk vond, op deze manier praten over boeken en hoe auteurs technieken inzetten om de lezer zover te krijgen dat ze het verhaal en de karakters geloven. En, daarvoor al, ook weer eens op die manier te lezen: me ook afvragen waarom een boek me wel of niet boeit en niet alleen snel oordelen of het verhaaltje wel meeslepend genoeg is.

Tot mijn verrassing ontdekte ik bovendien dat kennis die ik lang, lang geleden in mijn studietijd had opgedaan, toch z’n weg weer vond uit afgesloten krochten in mijn hersenpan, kennis waarvan ik vreesde dat-ie door allerlei volledig onzinnige informatie die op de meest onmogelijke momenten opduikt was verdrongen. Toch een fijn idee dat er ook nog hier en daar wat nuttigs in mijn hoofd zit. Al kun je natuurlijk twisten over het nut van kennis over vertelperspectieven en ironische distantie en zo. Laat ik het erop houden dat ik het een tijdje enigszins zinvol heb moeten vinden, anders had ik misschien toch beter niet kunnen afstuderen in de moderne Nederlandse letterkunde.

Het was drie avonden genieten, en bruisend van energie thuiskomen. Ik ben dus een enorme voorstander van meer literaire prijzen en als dat niet kan meer schaduwjury’s. Veel meer.

Advertenties
Geplaatst in Fictie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Voer je e-mailadres in om deze blog te volgen en om per e-mail meldingen over nieuwe berichten te ontvangen.

Alle berichten
%d bloggers liken dit: