Sneeuwtreinen

Wegens aanhoudend winterweer rijdt mijn trein niet. Ik vind dat uiteraard knap vervelend, maar ik ben geneigd het wel te begrijpen – het scheelt een aantal wissels en die blijken kwetsbaar.

De NS is niet verantwoordelijk voor mijn immense afkeer van station Weesp. Die komt eruit voort dat je voor míjn overstap als een kudde koeien de trap afgaat, de gang doorloopt, de trap opgaat. Iets anders dan achter elkaar aan sjokken is onmogelijk en mijn licht anarchistische inborst heeft er bezwaar tegen met de meute mee te sjokken.

Een paar dagen probeerde ik de bus. Dat scheelt een overstap. Het kost ook tijd.

Zo nu en dan denk ik dat het goed is om me over mijn vooroordelen en vaste ideeën heen te zetten. Vanmorgen schoot dat er opeens weer in – ik kan anders niet verklaren waarom ik vandaag voor de trein koos.

Op het moment dat die het station binnenreed was duidelijk dat er meer mensen in wilden dan menselijk mogelijk was. Aangezien niemand op het perron achter wilde blijven stapten meer mensen in dan menselijk mogelijk was. Ik kwam ergens in het midden terecht, zonder enig houvast. Gek, dat je daar dan toch naar zoekt – ik zou niet weten hoe ik had kunnen vallen.

Wat mij in zo’n situatie altijd verbaast is dat op de klapstoeltjes gewoon mensen blijven zitten, alsof niet iedereen net een paar centimeter meer bewegingsruimte zou hebben als ze zouden opstaan. Kennelijk zien zij dat niet. Of zien zij dat anders. Ik was ver genoeg van de zittenblijvers verwijderd om niet in de verleiding te komen er iets over te zeggen. Waar zoveel mensen opeengepakt staan is ruziemaken niet erg aanbevolen.

Terwijl ik bezig was om me niet te ergeren en een poging deed over de ruggen van mensen heen te kijken – ik krijg het lichtelijk benauwd van alleen maar schouders zien – viel naast mij iets op de grond. O, zei de jongen, die het iets had laten vallen, geeft niet, is maar een lippenbalsem. Ik koop wel een nieuwe.

Dát zag hij verkeerd. Een vrouw vond dat er geraapt moest worden, en wel nu. Men stelle zich voor: een potje ansjovisfilets, allemaal rechtop naast elkaar, en een van de filets krijgt jeuk aan z’n tenen en buigt zich voorover om te krabbelen. Dat betekent dat geen van de andere filets kan blijven staan zoals ze stonden, en dat het wankele evenwicht waarbij iedereen ongeveer evenveel ruimte heeft, verstoord wordt.

Nou ja, dat gebeurde dus, tot gêne van degene die de lippenbalsem liet vallen.

Gelukkig kon het nóg onhandiger. In mijn tweede trein stapte iemand in met een slee. Niet dag een handig, makkelijk ergens een beetje weg te stoppen, object. In de spits. Terwijl gewaarschuwd was dat de treinen drukker konden zijn dan anders. En de hele dag dook op onbewaakte momenten toch de vraag op: moest dat vervoer nu per se op dat moment? Ik heb er nog steeds geen antwoord op.

Advertenties
Geplaatst in huis en tuin

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Voer je e-mailadres in om deze blog te volgen en om per e-mail meldingen over nieuwe berichten te ontvangen.

Oeps: Twitter reageert niet. Wacht svp een paar minuten en ververs deze pagina.

Alle berichten
%d bloggers liken dit: